Back to Top

Burgerlijke vennootschap met handelsvorm verdwijnt - 05/10/2018

Met de hervorming van het Wetboek van vennootschappen verdwijnt de burgerlijke vennootschap met handelsvorm. Burgerlijke vennootschappen streven in principe geen handelsactiviteiten na, denk o.a. aan de uitoefening van een vrij beroep. In praktijk komt het er echter op neer dat een vrije beroeper niet beschouwd wordt als handelaar maar wel zijn activiteiten in een vennootschap uitoefent.

Met de invoering van het Wetboek van Economisch Recht en de wijziging van het ondernemingsbegrip waarover wij in onze bijdrage van 18/04/2018 reeds spraken, is voornoemd onderscheid tussen burgerlijke- en handelsvennootschappen achterhaald.

Gevolgen

Het is dus in principe niet nodig om de statuten aan te passen. Het wetboek van vennootschappen zal het dan nog enkel hebben over ‘vennootschappen’ (Beknopt Verslag, Kamer 2017-18, Zitting van 29 maart 2018, nr. 54-PLEN-222, p29-32). Dit heeft tot gevolg dat burgerlijke vennootschappen die economische activiteiten uitoefenen, vanaf 1 november 2018 onderworpen zullen zijn aan het ondernemingsrecht en in het bijzonder aan het insolventierecht. Dit leidt ertoe dat ook vrije beroepen failliet kunnen worden verklaard.